Vroeggeboorte: als de start van het ouderschap anders loopt
Wanneer alle aandacht uitgaat naar de baby, kan de psychische impact op ouders gemakkelijk op de achtergrond raken.
Een zwangerschap en geboorte verlopen niet altijd zoals ouders hadden gehoopt. Als een baby te vroeg wordt geboren, kan een enorme impact hebben. Niet alleen op je baby, maar ook op jou als ouder.
De baby ligt soms direct op de neonatale intensive care (NICU), omringd door apparatuur, slangen en monitoren. Ouders kunnen hun kind niet zomaar vasthouden of mee naar huis nemen en krijgen soms te maken met ingrijpende medische behandelingen of operaties. Terwijl alle aandacht begrijpelijkerwijs uitgaat naar het in leven houden en behandelen van de baby, kan de psychische impact op ouders gemakkelijk op de achtergrond raken.
Dat daar meer aandacht voor nodig is, werd opnieuw duidelijk in recent Nederlands onderzoek naar de mentale gezondheid van ouders van zeer vroeg geboren kinderen.
Wat is vroeggeboorte?
Van vroeggeboorte spreken we wanneer een baby vóór 37 voltooide weken zwangerschap wordt geboren. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) onderscheidt verschillende vormen van vroeggeboorte:
- extreem vroeggeboren: vóór 28 weken;
- zeer vroeggeboren: vanaf 28 tot vóór 32 weken;
- matig tot laat vroeggeboren: vanaf 32 tot vóór 37 weken.
Hoe vroeger een baby wordt geboren, hoe groter over het algemeen de kans dat intensieve medische zorg nodig is.
Voor ouders kan zo'n periode enorm ingrijpend zijn. De geboorte die normaal gesproken een moment van vreugde en verwachting is, kan tegelijkertijd een acute medische noodsituatie worden. Ouders kunnen bang zijn dat hun baby het niet overleeft, zich machteloos voelen of het gevoel hebben weinig controle te hebben over wat er gebeurt.
Een vroeggeboorte kan ook voor ouders traumatisch zijn
Een traumatische ervaring betekent niet automatisch dat iemand PTSS ontwikkelt. Veel mensen hebben na een ingrijpende gebeurtenis gedurende een bepaalde tijd last van angst, verdriet, spanning, slaapproblemen of herinneringen aan wat er is gebeurd. Vaak nemen deze reacties geleidelijk af.
Bij sommige mensen blijven de klachten echter bestaan of krijgen ze steeds meer invloed op het dagelijks leven. Dan kan er sprake zijn van een posttraumatische stressstoornis (PTSS).
Uit eerder onderzoek weten we dat ouders van baby's die op een neonatale intensive care worden opgenomen relatief vaak psychische klachten ervaren, waaronder angst, depressieve klachten en posttraumatische stressklachten. Een systematische review uit 2024 laat bijvoorbeeld zien dat psychische problemen bij ouders na een zeer vroeggeboorte ook op langere termijn kunnen voorkomen.
Een belangrijke nuance is dat PTSS-klachten niet hetzelfde zijn als een PTSS-diagnose. Alleen een professional kan beoordelen of daadwerkelijk aan de criteria voor PTSS wordt voldaan.
Wat weten we uit het recente Nederlandse onderzoek?
In het landelijke HIPPO-onderzoek werden 446 zeer vroeg geboren baby's gevolgd. Het ging om kinderen die vóór 29 weken zwangerschap waren geboren. Ouders uit 217 gezinnen vulden op verschillende momenten vragenlijsten in over hun psychische welzijn: kort na de geboorte, ongeveer een maand later en rond de oorspronkelijke uitgerekende datum. Alle Nederlandse neonatale intensivecareafdelingen voor pasgeborenen namen deel aan het onderzoek.
De resultaten zijn opvallend. Rond de oorspronkelijke uitgerekende datum rapporteerde ruim een derde van de moeders klachten die passen bij een mogelijke PTSS. Bij vaders ging het om ongeveer één op de zes. Het ging onder andere om herbelevingen, vermijding, negatieve gevoelens en een voortdurende staat van spanning of angst.
Dat betekent nadrukkelijk niet dat één op de drie moeders en één op de zes vaders daadwerkelijk PTSS heeft. Wel laat het onderzoek zien dat de psychische gevolgen van een zeer vroeggeboorte voor ouders aanzienlijk kunnen zijn en dat het belangrijk is om daar actief naar te vragen.
Bron: HIPPO-onderzoek, 446 zeer vroeg geboren baby's (<29 weken), 217 gezinnen.
Hoe herken je PTSS-klachten bij jezelf?
Na een vroeggeboorte kan het lastig zijn om te bepalen wanneer klachten passen bij een begrijpelijke reactie op een ingrijpende ervaring en wanneer het verstandig is om extra ondersteuning te zoeken. Zeker wanneer je ondertussen ook voor een kwetsbare baby zorgt, weinig slaapt en nog steeds veel medische afspraken hebt.
Er zijn verschillende soorten klachten die kunnen wijzen op posttraumatische stress.
Herbelevingen
Je hebt het gevoel dat de gebeurtenissen opnieuw gebeuren of dat je er onverwacht weer middenin zit.
Bijvoorbeeld:
- beelden van de bevalling of de NICU dringen zich steeds opnieuw op (intrusies);
- je hebt terugkerende nare dromen over wat er is gebeurd;
- bepaalde geluiden, geuren of beelden brengen je plotseling terug naar het ziekenhuis;
- je lichaam reageert sterk wanneer je aan de periode terugdenkt;
- je kunt bijvoorbeeld hartkloppingen, spanning of paniek voelen bij een herinnering.
Een herinnering kan daardoor soms meer zijn dan "eraan terugdenken". Het kan voelen alsof je er opnieuw in zit.
Vermijden
Sommige ouders proberen alles wat aan de periode doet denken zoveel mogelijk te vermijden.
Misschien wil je niet over de bevalling praten. Of je vermijdt foto's, ziekenhuisafspraken, bepaalde plekken of gesprekken over de periode op de NICU.
Ook kan vermijding subtieler zijn. Misschien probeer je niet stil te staan bij wat er is gebeurd, omdat de emoties dan te sterk worden.
Op korte termijn kan vermijden verlichting geven. Op langere termijn kan het er echter voor zorgen dat de angst en spanning blijven bestaan.
Voortdurend 'aan' staan
Een ander belangrijk kenmerk is een verhoogde waakzaamheid.
Je bent voortdurend alert op mogelijk gevaar. Je controleert bijvoorbeeld steeds de ademhaling van je kind, schrikt sterk van geluiden of bent bang dat er ieder moment iets mis kan gaan.
Andere mogelijke klachten zijn:
- snel schrikken;
- slecht slapen;
- prikkelbaarheid of boosheid;
- moeite met concentreren;
- lichamelijke spanning;
- voortdurend het gevoel hebben dat je op je hoede moet zijn.
Bij ouders van een kwetsbaar kind kan dit extra ingewikkeld zijn. Een zekere mate van alertheid is immers begrijpelijk wanneer je baby daadwerkelijk medische risico's heeft gelopen. Het gaat vooral om de vraag of de angst en waakzaamheid veel sterker zijn dan nodig en je dagelijks functioneren blijven beheersen.
Negatieve gedachten en gevoelens
PTSS kan ook invloed hebben op hoe je naar jezelf, je kind of de wereld kijkt.
Je kunt bijvoorbeeld last hebben van:
- sterke schuldgevoelens;
- schaamte;
- angst of machteloosheid;
- gedachten als "ik had iets moeten doen";
- het gevoel dat de wereld niet veilig is;
- moeite om nog van dingen te genieten;
- emotionele afstand of een gevoel van verdoving.
Sommige ouders ervaren bovendien een sterke angst dat er opnieuw iets met hun kind zal gebeuren. Een gewone verkoudheid, koorts of een bezoek aan het ziekenhuis kan dan veel meer angst oproepen dan je zou verwachten.
Wanneer is het verstandig om hulp te zoeken?
Niet iedere stressreactie na een vroeggeboorte betekent dat er iets mis is. Het is normaal dat een ingrijpende gebeurtenis nog enige tijd doorwerkt.
Het is verstandig om professionele hulp te zoeken wanneer je merkt dat:
Bij PTSS wordt onder andere gekeken naar de aard en ernst van de klachten, hoe lang ze bestaan en in hoeverre ze het dagelijks functioneren beïnvloeden.
Je hoeft overigens niet eerst te weten of je "echt PTSS hebt" voordat je hulp mag zoeken. Ook wanneer je vooral merkt dat je vastloopt, veel angst hebt of de geboorte en ziekenhuisperiode nog iedere dag met je meedraagt, is dat een goede reden om hierover te praten.
Moeders én vaders kunnen klachten krijgen
Wanneer we praten over psychische gevolgen rondom zwangerschap en geboorte, gaat de aandacht vaak vooral uit naar de moeder. Dat is begrijpelijk, maar bij vroeggeboorte is het belangrijk om ook vaders en andere partners in beeld te houden.
Het recente Nederlandse onderzoek laat ook bij vaders aanzienlijke PTSS-klachten zien. Daarnaast blijkt uit eerder onderzoek dat de mentale gezondheid van vaders na een opname op een neonatale afdeling eveneens onder druk kan staan.
Daarbij kan het gebeuren dat ouders verschillend reageren. De ene ouder kan voortdurend over de periode willen praten, terwijl de ander juist probeert alles achter zich te laten. Dat verschil kan binnen een relatie soms voor extra spanning zorgen.
Ook vaders zijn van harte welkom bij Perimentaal
Waarom is aandacht voor ouders zo belangrijk?
Een vroeggeboorte raakt niet alleen het kind, maar het hele gezin.
Wanneer ouders ernstig psychisch belast zijn, kan dat invloed hebben op hun dagelijks functioneren en op de manier waarop zij contact maken met hun kind. Dat betekent niet dat ouders met PTSS hun kind tekortdoen of dat psychische klachten automatisch schadelijk zijn voor een kind. Wel is het belangrijk om problemen tijdig te herkennen, zodat ouders ondersteuning kunnen krijgen.
Onderzoekers van het recente HIPPO-onderzoek pleiten dan ook voor structurele aandacht voor de mentale gezondheid van ouders als onderdeel van de zorg rond vroeggeboorte.
Herken je jezelf hierin?
De periode rondom een vroeggeboorte kan nog lange tijd doorwerken. Iedereen verwerkt zo'n ervaring op een eigen manier en in een eigen tempo. Er zijn geen vaste stappen die je moet doorlopen. Wel kunnen onderstaande punten helpen om beter te begrijpen wat er bij jou speelt en wat je nodig hebt:
Sta stil bij wat je hebt meegemaakt
Een vroeggeboorte en de daaropvolgende periode in het ziekenhuis kunnen zeer ingrijpend zijn. Misschien was er angst om je baby te verliezen, voelde je je machteloos of kon je nauwelijks bevatten wat er allemaal gebeurde.
Het kan helpen om te erkennen dat deze periode voor jou een grote impact heeft gehad. Je hoeft jezelf niet te vertellen dat je "blij moet zijn dat het goed is afgelopen" of dat je het inmiddels achter je zou moeten hebben gelaten. Ook wanneer het uiteindelijk goed gaat met je kind, kan de weg daar naartoe emotioneel zwaar zijn geweest.
Geef aandacht aan wat je voelt
Ouders zijn na een vroeggeboorte vaak vooral bezig met hun baby en met wat er praktisch allemaal geregeld moet worden. Er kan weinig ruimte zijn om stil te staan bij jouw eigen gevoelens.
Toch kunnen emoties zich ook later nog aandienen. Misschien voel je verdriet, angst, boosheid, schuld of machteloosheid. Misschien merk je juist dat je weinig voelt of dat je probeert om niet aan de periode terug te denken.
Er is geen juiste manier om op een ingrijpende ervaring te reageren. Het kan wel helpen om gevoelens niet steeds weg te hoeven duwen en deze juist toelaten.
Zoek contact met mensen die begrijpen wat je hebt meegemaakt.
Het kan prettig zijn om te praten met iemand die zelf een vroeggeboorte of opname op de NICU heeft meegemaakt. Lotgenoten kunnen bepaalde gevoelens en ervaringen herkennen die voor anderen moeilijk te begrijpen zijn.
Je hoeft daarbij niet alles uit te leggen. Alleen al de ervaring dat iemand anders zegt "dit herken ik" kan steunend zijn.
Bijvoorbeeld bij: care4neo.nl
Professionele hulp
Bij Perimentaal kun je terecht wanneer je merkt dat de ervaring van de vroeggeboorte je nog steeds bezighoudt of jouw dagelijks leven beïnvloedt. We kunnen samen onderzoeken wat er precies speelt en welke ondersteuning daarbij past. Soms is het vooral helpend om woorden te geven aan wat je hebt meegemaakt. Wanneer er sprake is van traumaklachten, kunnen we ook gericht aan de slag met bijvoorbeeld EMDR of een andere traumagerichte behandeling.
Je hoeft niet alleen te blijven rondlopen met wat er is gebeurd.
Wil je bespreken wat de vroeggeboorte met jou heeft gedaan?
Neem dan contact op met Perimentaal.